-
-

Tags

02.10.2017De figuur van de ondernemingsbemiddelaar binnen de nieuwe insolventiewetgeving.

Bemiddeling

De insolventiewetgeving maakt van 1 mei 2018 af deel uit van het Wetboek Economisch recht. De wetgever heeft bewust gekozen om veel meer de kaart te trekken van de preventie. Een onderneming in moeilijkheden kan aan de rechtbank vragen dat een ondernemingsbemiddelaar wordt aangesteld. Dit kan gebeuren voorafgaand aan elke WCO -procedure met als doel het bereiken van een minnelijk akkoord  met 2 of meer schuldeisers en/of andere belanghebbenden. Een ondernemingsbemiddelaar kan ook aangesteld worden tijdens een WCO – procedure indien de ondernemer een minnelijk akkoord wil bereiken met haar schuldeisers. De aanstelling van de ondernemingsbemiddelaar gebeurt in raadkamer en wordt niet bekendgemaakt. Deze beschikking bepaalt de inhoud en de duur van de bemiddelingsopdracht.  Een inhoud van een akkoord moet steeds verantwoord zijn met het oog op het redden van de onderneming. Het akkoord kan bij de rechtbank worden ingediend zonder dat het aan andere dan de betrokken partijen bekend wordt gemaakt. De partijen kunnen er ook voor kiezen dat het akkoord wordt gehomologeerd door de rechtbank zodat de inhoud van het vonnis kan afgedwongen worden. De nieuwe insolventiewetgeving bepaalt ook uitdrukken dat partijen noch de bemiddelaar, tenzij kwade trouw kan worden aangetoond, aansprakelijk kunnen gesteld worden voor de inhoud of de gevolgen van het akkoord indien achteraf blijkt dat de maatregelen niet hebben bijgedragen tot de continuïteit van de onderneming.  De erelonen van de ondernemingsbemiddelaar zijn bevoorrecht bij een eventueel faillissement.

 

auteur : Magda Lauwers.